
Bogertophis Subocularis
Door Sven Willemsens
Inleiding
Bogertophis subocularis werd vroeger tot het geslacht Elaphe gerekend, maar
wordt tegenwoordig samen met de vroegere Elaphe rosaliae onder het nieuwe geslacht
Bogertophis geklasseerd. Het zijn mooie dieren, waarvan het opvallendste kenmerk
de grote kop en ogen zijn. De tekening op het lichaam bestaat uit grote zwarte
H-vormige dwarsstrepen op een donkergele tot geelbruine ondergrond. De kin,
hals en buikschubben zijn parelwit van kleur. Er is echter een in het wild voorkomende
kleurvariant waarvan het rugpatroon gereduceerd is tot een lichte, vage tekening,
deze staat bekend als de blonde fase. Beide kleurvariëteiten worden ongeveer
1.5 m lang
Voorkomen
De Trans-Pecos slang zoals ze in het Nederlands genoemd wordt komt voor in het
westen van Texas, van de Nueces rivier tot Uvalde en ten westen van El Paso.
Hun verspreidingsgebied loopt verder in New Mexico langs de loop van de Rio
Grande tot de Sacramento Mountains. In Mexico zouden deze dieren ook voorkomen
in de Chihuahua woestijn. Het zijn nachtdieren die vrij droge, warme gebieden
bewonen, daarom mogen ze in het terrarium ook iets warmer gehouden worden dan
voor colubridae gebruikelijk is, 26-30°C is geen probleem voor deze dieren.
De dieren
Ik heb mijn koppel in 1998 gekocht op de beurs in Houten. De man is van de “blonde”
fase, terwijl het vrouwtje heterozygoot voor blond is. Dus normaal getekend
maar erfelijk voor blond. De dieren zijn volwassen gekocht, maar zijn onverwante
nakweek uit Amerika en Groot Brittannië. Opmerkelijk is wel dat mijn vrouwtjesdier
de normale wildkleur tekening heeft, maar dat de ondergrond toch lichter is
dan bij gewone, niet heterozygote dieren. Of dit genetisch te verklaren valt,
of gewoon een toeval is, weet ik niet.
Het terrarium
Omdat deze dieren toch iets groter en forser zijn dan de gemiddelde Colubride,
is het beter ze een wat ruimer terrarium te geven. Mijn dieren werden oorspronkelijk
samen gehuisvest in een bak van 95x50x50. De bak was voorzien van enkele klimtakken
en schuilplaatsen in de vorm van kurkschors en grote bloempotscherven. Een bodembedekking
van beukensnippers, enkele plastic planten en een waterschaal completeren het
geheel. Later werden de dieren overgeplaatst naar een iets kleiner hok van 70x50x50
met dezelfde inrichting. Verlichting en verwarming bestond in beide bakken uit
en spot die 12 u per dag brandde. Wel was er ook centrale verwarming in de kamer
die een achtergrondtemperatuur van 22-25 ° C garandeerde.
Op dit ogenblik zitten de dieren minder mooi, namelijk in plastic terraria,
niet de bekende faunabox, maar een groter formaat. Hier is de inrichting veel
eenvoudiger, beuksnippers op de bodem en een (lege) roomijsdoos van 1liter als
schuilplaats. Verwarming gebeurt hier dmv een warmtekabel onder de bak en een
radiator in de kamer die weer een achtergrond temperatuur van 22-25° C creëert.
De dieren zitten momenteel ook niet meer samen, dit uit praktisch oogpunt, om
het voeren te vergemakkelijken en met het oog op de kweek, hierover meer in
het desbetreffende hoofdstuk.
Algemene verzorging
De verzorging van mijn koppel subo’s is over het algemeen dezelfde als
voor al mijn colubriden. 3 keer per week wordt het water ververst en eens per
week worden de dieren gevoerd. Dit voederpatroon wordt regelmatig onderbroken
door een vastenperiode van 2 weken. Meestal geef ik de dieren 1 of 2 muizen.
Af en toe probeer ik eens een rat, maar dit wordt niet zo gretig aangenomen.
Veeltepelmuizen en hamsters heb ik ook al gevoerd en werden wel goed aanvaard.
Sinds kort worden de dieren apart gehuisvest en hou ik nauwelijks controle op
het voeren. Toen de dieren samen zaten, hield ik ofwel continu toezicht, ofwel
werd 1 van de dieren apart gezet. Dit natuurlijk om kannibalisme te voorkomen.
Kweek
Het kweken met Bogertophis is betrekkelijk eenvoudig. Net zoals met de meeste
colubriden het geval is, dienen de dieren een afkoeling te krijgen en zullen
ze na de opwarming paren en (hopelijk) eieren leggen. Mijn dieren worden meestal
in de loop van oktober, ten laatste begin november afgekoeld. Enkele weken voor
het afkoelen, stop ik wel met voeren zodat het darmkanaal kan leeg raken. De
afkoeling gebeurt geleidelijk tot een temperatuur van 15 ° C bereikt is,
deze temperatuur houd ik gedurende 2 à 3 maanden aan, waarna de temperatuur
langzaam weer op het normale niveau wordt gebracht. Hetgeen dat de kweek met
Bogertophis verschillend maakt van andere colubriden, is dat de paringen erg
laat zijn. Bij mij paren de dieren pas in de maanden mei en juni! Dit is meteen
ook de reden waarom deze slangen meestal maar 1 legsel per jaar produceren.
Tot nu toe heb ik de dieren steeds samen gelaten tot duidelijk werd dat het
vrouwtje drachtig was. Daarna werden ze steeds gescheiden om het vrouwtje een
rustige dracht te garanderen. 1 keer heb ik de dieren gedurende de dracht samen
gelaten en dit had een legsel van 5 “slechte” eieren tot gevolg.
Volgens mij is het vrouwtje in een stresstoestand gekomen door de aanwezigheid
en aanhoudende paarpogingen van het mannetje met slechte eieren tot gevolg.
Wanneer echter alles goed gaat, zal het vrouwtje, na een dracht van ongeveer
2 maanden maximum 8 grote eieren leggen. Hiervoor plaats ik steeds enkele weken
voor het afleggen een plastic doos gevuld met vochtig spagnum in het terrarium.
Het legsel wordt altijd weggehaald en in een couveuse geplaatst op een temperatuur
van 28-29°C. de eieren zelf liggen in een plastic doos, voorzien van luchtgaatjes.
Het broedsubstraat is vochtige vermiculiet die een vochtigheid van 90-100% garandeert.
Het gebeurt soms dat condens op de wanden en het deksel van het potje ontstaat en op de eieren druppelt. In extreme gevallen kan dit zelfs tot vochtkringen op de eieren leiden. Dit heeft bij mij echter nog nooit geleid tot problemen met het uitkomen van de jongen die na +- 60 dagen uit het ei komen Jonge dieren worden steeds apart gehuisvest in plastic doosjes, met een bodembedekking van keukenrol en een drinkschaaltje. 2 weken tot een maand na de geboorte vervellen de jongen voor de eerste keer en kunnen ze gevoerd worden. Voor de eerste vervelling hebben de jongen bij mij nooit prooien willen aannemen. Gezien het grote formaat van de jonge dieren, kunnen gerust babymuizen van 1 tot zelfs 2 weken oud gevoerd worden. Af en toe zal een jong alle prooien weigeren, maar geen nood, ik heb nog geen enkel diertje ooit moeten dwangvoeren. Na verloop van enkele maanden is elk dier zelfstandig beginnen eten. Wel heb ik gemerkt dat de jongen een voorkeur voor levende prooien hebben. Indien ze goed gevoerd worden zijn de jonge dieren al na 2 jaar geslachtsrijp.
Tot slot
Bogertophis subocularis is een mooie, actieve en middelgrote slang. Eenvoudig
te houden en zelfs zeer geschikt voor een decoratief ingericht (woestijn)terrarium.
Ook de kweek is erg eenvoudig. Nochtans is deze soort in Europa niet erg populair.
In de VS is dit echter een vaak gehouden soort en worden er ook oneindig veel
kleurvariëteiten aangeboden, van de gewone wildkleur en blonde fase tot
zelfs albino’s en zilvergrijze dieren. Ik hoop dan ook dat dit dier in
de toekomst aan populariteit zal winnen, want ze is zeker de moeite waard. Tevens
hoop ik dat dit artikel aan die populariteit zal bijdragen.